U bent hier

Het schip dat Zuid-Afrika voor eeuwig veranderde

dinsdag 9 augustus 2016 - 06:13

© Aernout Smit, 1683

Was het VOC-schip de Haarlem niet voor de kust van Zuid-Afrika vergaan, dan was het land misschien nooit gekoloniseerd en een mix van blank en zwart geworden. Archeoloog Bruno Werz is het wrak op het spoor.

Je zou de Nederlander Bruno Werz een moderne Indiana Jones kunnen noemen. Maar waar filmheld Indiana vooral op het land naar oude schatten zocht, richt Werz zich op de zee. Zijn specialiteit: het opgraven van oude schepen, bijvoorbeeld uit de tijd van de Verenigde Oost-Indische Compagnie. In de jaren 90 haalde hij al twee VOC-wrakken boven water: de Waddinxveen en de Oosterland.

Het project waar Werz nu zijn tanden in heeft gezet, is het vinden van het VOC-schip de Haarlem. Tijdens een wandeling beklimt hij een zachte duin van de Tafelbaai, vlakbij Kaapstad, zodat hij vrij zicht heeft over zee. Normaal gesproken kijk je hier zo naar de Tafelberg en Robbeneiland, maar het grauwe weer belet dat. ,,Daar", wijst hij in de verte, ,,moet het wrak ongeveer liggen. Een meter of vijf onder het zand."

De Haarlem vertrok in 1647 vanuit Batavia, in het huidige Indonesië, naar Amsterdam, vertelt Werz. Op het meest zuidwestelijke puntje van het Afrikaanse continent sloeg het noodlot toe. Het schip raakte aan lager wal en de bemanning verliet met knikkende knieën het schip. Hoe zouden de Afrikanen een groep van 62 onbekende blanken verwelkomen?

Zeelieden

Snel bleek dat de zeelieden weinig te vrezen hadden van de Afrikanen. De Nederlanders bouwden een kamp, waar zij uiteindelijk een jaar verbleven, totdat zij opgepikt werden door een terugkerende VOC-vloot.

Terug in Amsterdam brachten zij verslag uit bij hun werkgever. De VOC was op dat moment namelijk op zoek naar een verversingsstation in Afrika, waar schepen op weg naar 'de Oost' vers voedsel en drinkwater aan boord konden nemen. De Haarlem-bemanning schreef over de vruchtbare grond, de aanwezigheid van voldoende schoon water en de vriendelijke houding van de lokale bevolking: een perfecte plek voor een verversingsstation.

Goede omstandigheden

,,Het is dus niet toevallig dat de VOC-koopman Jan van Riebeeck vier jaar later op dezelfde plek terugkwam", zegt Werz. ,,De omstandigheden waren er gewoon goed." De post die Van Riebeeck stichtte, groeide uit tot het huidige Kaapstad, en later tot Zuid-Afrika.

Volgens Werz zou de vondst van de Haarlem daarom van symbolische waarde zijn voor Zuid-Afrika. Daar is Martijn Manders het mee eens. Manders is maritiem archeoloog en hoofd van het Maritiem Programma bij de Nederlandse Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Hij heeft het onderzoeksvoorstel van Werz gelezen, en zegt dat de archeoloog 'een hoop aanwijzingen gevonden heeft die een goede basis geven om op zoek te gaan'. Het is wel aan de verschillende autoriteiten om een opgraving goed te keuren, zegt hij. ,,Of hij het schip ook vindt, dat weet je nooit."

Lees hele artikel >

Bron: AD, door Mathijs Noij

Reacties