U bent hier

Duiken & Duikveiligheid

Duikonderzoek: meer dan een sprong in het diepe

Duikonderzoek is een vak apart. Wie archeologisch onderzoek onderwater verricht, moet voldoen aan de eisen voor beroepsduikers. Het aantal van deze onderzoekers is de laatste jaren omhoog gegaan, maar zij kunnen het werk niet alleen.

Kennis

Archeologisch onderzoek onderwater kan niet zonder duikers. Zij voegen net dat beetje extra toe wat veel apparaten niet hebben: kennis. Daarmee zijn ze in staat om scheepswrakken niet alleen waar te nemen maar ook te duiden. En juist dat laatste is vaak nodig om precies te weten wat we aan cultureel erfgoed onderwater hebben.

Strenge eisen

Omdat het om nationaal cultureel erfgoed gaat, mag niet iedereen archeologisch onderzoek onderwater doen. De duikers moeten aan speciale beroepseisen voldoen en die zijn een stuk strenger dan bij een doorsnee duikopleiding. Zo moeten er bij een duik met professionals aan het wateroppervlak begeleiders aanwezig zijn, zodat de veiligheid van de duikers gewaarborgd is (artikel Duikrichtlijnen in Nederland).

Afweging

Door de strenge eisen kunnen de kosten van archeologisch onderzoek onderwater flink oplopen. Onderzoekers moeten daarom bij elk onderzoek een keus maken: wel of niet duiken. Onderzoek op een vindplaats kost al snel duizenden euro’s per dag. Die kosten moeten opwegen tegen wat men daar te weten denkt te komen of te vinden.

Samenwerking

Ook de kosten van een professionele duikopleiding zijn niet gering. Het aantal beroepsduikers dat nu onderwater onderzoek mag doen naar cultureel erfgoed is de afgelopen tijd omhoog gegaan. Maar nog steeds is hun aantal beperkt. Vandaar dat er intensief wordt samengewerkt met niet-professionele partijen, zoals studenten en sportduikers. Voor deze groepen gelden minder strenge eisen, maar niet als zij samen met de beroepsduikers onderwater gaan. Voor studenten geldt overigens wel een uitzonderingspositie voor het duikbrevet, maar niet voor de duikkeuring. Die moet dus hetzelfde zijn als die van de beroepsduikers en kost dan ook veel geld. Voor de amateurarcheologen geldt zelfs helemaal geen uitzondering. Dit staat natuurlijk de samenwerking in het veld aardig in de weg. Er wordt dan ook al jaren gelobbyed voor een beter werkbare, maar ook veilige, regeling zodat er weer - net als voor 1995 toen de duikwet van kracht werd - door de de amateurarcheologen en beroepsarcheologen samen kan worden gedoken. Enerzijds wil de overheid niet dat duikers risico lopen, maar als natie willen we wel de kennis over ons erfgoed onderwater vergroten, tegen een betaalbare prijs. Daar zijn ook duikers voor nodig.

Fieldschools

De afgelopen jaren is flink geïnvesteerd in zogeheten fieldschools. Studenten krijgen daar de mogelijkheid om ervaring op te doen in onderwaterarcheologie. Onder begeleiding van professionals kunnen ze toch het water in en zo ook voor zichzelf bepalen of onderzoek onderwater iets is waar ze later verder in willen. Ook met sportduikers is veel contact. Onder hen zijn vaak zeer ervaren duikers. Doel is om de capaciteit voor duikonderzoek te vergroten. Daarnaast heeft het RCE een handboek opgesteld met duikeisen voor archeologisch onderzoek onderwater. Het handboek geldt tevens als richtlijn voor marktpartijen die onderzoek doen.

Relevante links en meer informatie:

Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Maritiem Programma

ALLE ARTIKELEN OVER DIT ONDERWERP>