U bent hier

UNESCO Foundation Course op St Eustatius

Underwater Cultural Heritage Management in de Cariben

Op 16 november 2014 is op St. Eustatius de Tweede UNESCO Foundation Course for Underwater Cultural Heritage Management in de Cariben van start gegaan. In 2012 was de eerste in Port Royal, Jamaica. Zestien studenten van Nederland, St Eustatius, Saba, Bonaire, Curacao, Haiti, Cuba, Dominican Republic, Venezuela, Belize, Zuid Afrika en Suriname doen mee aan de cursus. Zes trainers zullen in een maand tijd de studenten trainen in het beschermen en beheren van het cultuurhistorisch erfgoed onderwater.

De zeebodem in het Caribisch gebied ligt bezaaid met historische scheepswrakken. Velen daarvan worden druk bezocht door toeristen, anderen zijn door aantasting of begroeiing met koraal nauwelijks herkenbaar. Weer anderen zijn nog altijd niet ontdekt. Hoe gaan we om met deze wrakken? Hoe kunnen we de wrakken beschermen en tegelijkertijd ook gebruiken voor cultureel toerisme of als hotspot voor biodiversiteit? Wat moeten we doen als ergens in het water gebouwd of gedredged moet worden? Deze en veel meer vragen zullen worden beantwoord tijdens de cursus.

Deze cursus bestaat uit een theorie en praktijk gedeelte. De basis voor de cursus zal zijn in het gebouw van SECAR, het Sint Eustatius Centre for Archaeological Research. De praktijk zal bestaan uit het in kaart brengen van de 18de eeuwse Nederlandse pakhuizen die voor de kust van St Eustatius op een diepte van maximaal 5 meter liggen. Naast het in kaart brengen van de gebouwen, zullen ook suggesties worden gedaan naar hoe in de toekomst hiermee om zou moeten worden gesprongen. De duikacties worden begeleid door Scubaqua Dive Centre.

De organisatoren en hoofdtrainers zijn Martijn Manders van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en de Universiteit van Leiden en Chris Underwood van PROAS Argentinië en de Nautical Archaeological Society (NAS). Samen hebben we al menig capaciteitsopbouwproject gedaan: In Sri Lanka, Thailand, Jamaica en nu dus hier op dit Caribische eiland dat – samen met Saba en Bonaire een speciale gemeente van Nederland is. Ruud Stelten en Ryan Espersen zijn respectievelijk werkzaam op St Eustatius (SECAR) en Saba (SABARC) en doen hun promotieonderzoek in Leiden over de twee eilanden. Zij helpen mee met de lokale organisatie en zullen ook helpen bij het geven van training. Ook is er een trainer van UNESCO (Haiti), Tatiana Villegas en van de Verenigde Staten (NOAA), Hans van Tilburg betrokken.

De cursus is mogelijk gemaakt door het Maritiem Programma en het Programma Gemeenschappelijk Cultureel Erfgoed van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed als hoofdsponsor, geassisteerd door de Universiteit van Leiden, Het NEXUS 1492 project, de UNESCO en het ICOMOS Comité voor Underwater Cultural Heritage (ICUCH).

De redenen voor de RCE om deze training te financieren is dat wij ervan uitgaan dat het allerbelangrijkste in cultureel erfgoedbeheer de mensen zijn. Het zijn de mensen die het beheer kunnen doen, die het erfgoed kunnen waarderen, ervan kunnen gaan houden, gebruiken en beschermen. Daarom is capaciteitsopbouw ook zo belangrijk in zowel het Maritiem Programma als het Gemeenschappelijk Cultureel Erfgoed programma van de RCE.

Het trainingsprogramma in de Cariben is onderdeel van maar liefst drie belangrijke opdrachten van de RCE: ten eerste is zij betrokken bij het beheer en bescherming van de Nederlandse scheepswrakken overzee. Een prioriteit daarbij ligt bij de wrakken waar een Nederlandse claim op rust: die van de VOC, WIC en admiraliteit (en modernere oorlogsschepen). Sommige van die schepen liggen in Caribische wateren, denk maar aan het Huis te Kruiningen bij Tobago, maar ook de Alphen in Curaçao en de kaperschepen rondom Cuba. Een goed beheer kan slechts plaatsvinden met goedkeuring en samenwerking van de landen waarin deze schepen liggen. Streven is zelfs om de wrakken op te laten nemen in het algemene beheer van die landen. Goed opgeleide archeologen maken dat werk een stuk makkelijker. De claim van Nederland over de eigendom is slechts een veiligheidsnet voor het geval een land wil of niet kan zorgen voor de wrakken.

Er zijn 10 prioriteitslanden

De tweede reden voor financiering is het feit dat wij een Gemeenschappelijk Cultureel Erfgoed Programma hebben (Jean Paul Corten) waarvan het maritieme deel wordt uitgevoerd door het Maritiem Programma. Er zijn 10 prioriteitslanden waar Nederland heel nauw mee samenwerkt op het gebied van Cultureel Erfgoed beheer. Ook hier is de hoogste prioriteit de capaciteitsopbouw. In deze cursus zijn drie prioriteitslanden vertegenwoordigd: Zuid-Afrika, Suriname en de US.

Opzetten van een beheerstrategie

Een derde reden om een capaciteitsopbouw project voor onderwater cultureel erfgoed op St Eustatius te doen heeft te maken met de rol die de RCE in Nederland heeft en de doelen die het Maritiem Programma heeft gezet voor het uitrollen van een verantwoord beheer in Nederlandse wateren. Bonaire, St Eustatius en Saba zijn speciale gemeenten van Nederland. Tot nu toe is nog maar zeer weinig aandacht besteed aan het opzetten van een beheerstrategie in een van deze gemeenten. Hetzelfde geldt overigens ook voor de andere landen binnen ons koninkrijk: Curacao, Aruba en St. Maarten. Door mensen op te leiden, maar ook door ze daarna te stimuleren, kunnen fantastische projecten van de grond komen. Immers, de eilanden in het Caribisch gebied zijn voor een groot deel ook op duiktoerisme aangewezen. Daar ligt een mooie uitdaging: om erfgoedbeheer te integreren in het natuurbeheer op de eilanden. Het kan de economie zelfs nog een extra zetje naar boven geven! In de cursus zijn Curaçao, Bonaire, St Eustatius en Saba aanwezig.

Met een beetje goede wil kunnen we in 2015 de UNESCO Conventie voor de Bescherming van het Cultureel Erfgoed ratificeren. Voor het vaste land van Nederland heel belangrijk, maar misschien nog wel meer voor de Nederlandse Caribische eilanden. De Latijns Amerikaanse en Caribische Regio heeft het hoogste aantal landen dat de conventie al geratificeerd heeft. Er is dus al een platform voor samenwerking tussen de staten. Een integrale benadering voor beheer lijkt cruciaal te zijn in deze regio. Vandaar ook dat meerdere landen aanwezig zijn op de cursus en dat samenwerking en het bouwen van een platform voor samenwerking gestimuleerd wordt met deze cursus. Want ratificeren is een ding, het vervolgens opbouwen van een verantwoord beheer van het onderwater cultureel erfgoed, een ander. Daar heb je kennis maar ook hulp voor nodig. Die kan in de regio goed gevonden worden door elkaar te ondersteunen in het werk.

Reacties